Oecumenische Basisgemeente Apeldoorn


Was getekend .....

"Kees Postumus: Vroom en Vrolijk, een manier van leven"

Vroom & Vrolijk is de titel van een tijdschrift en werd voor mij steeds meer een manier van leven. Vroom, gelezen als sterk, geďnspireerd en zelfbewust. Vrolijk, gelezen als gezegend, genietend van het leven. Met een knipoog naar het Engelse gay.

Vroom & Vrolijk is de naam van het tijdschrift, dat wij eind jaren tachtig in het leven riepen. Een tijdschrift voor lesbische vrouwen en homoseksuele mannen, die betrokken zijn bij geloof en kerk. Dat daar een markt voor was, is een Godswonder te noemen.

De kerk heeft er door de eeuwen heen alles aan gedaan om mensen zoals ons uit haar midden te verdrijven. Homo’s zijn verketterd, opgejaagd en afgemaakt. Tegenwoordig zijn zij in een aantal kleinere kerken van harte welkom. De hoofdstroom van het christendom komt nog steeds niet veel verder dan goedwillende, lauwe tolerantie. Ik zwijg hier liever over de manier waarop de islam met homoseksualiteit omgaat.

Het zou geen wonder zijn als er in de kerk geen enkele homo of lesbische vrouw meer te vinden was. Maar wonderen bestaan nog: het zijn er velen en ik ben er een van hen. Vanaf het begin mocht ik jaren achtereen de oecumenische viering op roze zaterdag organiseren. Bij de ingang stond ik de liturgieboekjes uit te delen.

Daar kwamen ze binnen: Gods volk onderweg, uitbundig of verstild, in strak leer of uitdagend bloot, homo’s rechtstreeks vanaf de barricade of amper uit de kast. Een kerk vol, verzameld rond het Woord, onder de zegen van de Eeuwige. Zo moet het zijn, amen, maar vanzelf gaat dat allemaal niet. Toch lukt het, dankzij dat wondere tweetal: vroom en vrolijk.

 

Vroom

Vroom moet je wezen, om het als opgejaagde minderheid uit te houden. Je moet sterk zijn, blijven geloven in jezelf, in je eigen kracht. En in God, die jou maakte zoals je bent, die je draagt, heel je leven lang.

Wat helpt om dat geloof te vormen en levend te houden, is een verhaal uit de rijke schat aan bijbelse verhalen. Voor mij was dat het uittochtverhaal: exodus, een geknecht volk trekt weg uit slavenland Egypte. Zonder garantie op aankomst in een beloofd land, vertrekken zij uit wat hen klein houdt. Zij accepteren niet dat het gaat zoals het gaat, zij geloven dat het niet hoeft te blijven zoals het is. Zij geloven in de droom van een beter leven, voor iedereen.

Wij zijn het zelf die, in de voetsporen van Israël, telkens weer deze weg van bevrijding kunnen gaan, op vele terreinen van het persoonlijke en politieke leven. En ik ben het zelf. Daarom kwam ik uit de kast en begon ik een leven als openlijk homoseksuele man. Ik heb er nooit spijt van gehad. Wat hielp, naast het verhaal van bevrijding, was een geloofsgemeenschap (de Oecumenische Basisgemeente Apeldoorn) waarin ik welkom was, die mij ondersteunde.

Deze keuze heeft mijn leven verdiept. Ik heb geleerd hoe belangrijk spiritualiteit is, ik probeer daar in mijn dagelijkse leven tijd en ruimte voor te maken. Vroom heeft dikwijls een muffe geur, maar er zijn er zoveel mensen die nieuwe vormen van spiritualiteit ontwikkelen en onderhouden, betrokken op de samenleving, positief van toon. Vroom moet maar eens weg uit de kamers van het behoudende christendom.

 

Vrolijk

Vrolijk, ook dat moet je wezen. Eigenlijk gaat dat vanzelf. Ten eerste ben je gezegend als je je gedragen weet door de Eeuwige. De Ene, die je kende voordat je werd geboren, die de Bron is van je leven, die je tot in de dood nog kent. Dat te weten is geen permanente toestand van onwankelbare gelukzaligheid. Maar het is wel de grond onder het bestaan. Het maakt je vrij, vrijmoedig en vanzelf vrolijk.

Een andere reden voor vrolijkheid is dat het homoseksuele leven veel minder door conventies wordt bepaald dan het leven ener heteroseksueel. Als bij het begin van je leven de vanzelfsprekendheid van een gezin, kinderen en een ordentelijk huwelijksleven vanzelf al wegvalt, zal in de rest van je leven niets meer vanzelfsprekend zijn. Er zullen allerlei vriendschappen en liefdes in je leven zijn, je zult van verscheidenheid eerder het plezier zien dan het probleem.

Niets voor niets noemde pastor Jan van Kilsdonk de homoseksuele variant ‘een vondst van de Schepper’. Als ik in mijn verhaal over de eerste kus ter wereld Adam en Eva, de eerste twee mensen, introduceer, zeg ik erbij: ‘ja, dat waren dan in dit geval een man en een vrouw, maar ja, dacht God, je moet ergens beginnen en je kunt altijd nog variëren op het meest voor de hand liggende’.

 

Combinatie

Het geheim zit hem in de combinatie: vroom en vrolijk.

Alleen vroom zou onuitstaanbaar zijn. Ik zie ze op zondagmiddag wel eens uit de kerk komen. In stemmig zwart, met dodelijk serieuze gezichten; aan niets is af te zien dat zij zojuist de boodschap van bevrijding aangezegd gekregen hebben. Ik heb ook van die tijden gekend, dat de ernst van de zaak mij van het gezicht af te lezen was. Die tijd ging gelukkig voorbij. Natuurlijk, geloof is een ernstige zaak. Maar geloof is eerst en vooral een bron van vreugde.

Alleen vrolijk zou mij te oppervlakkig zijn. Het wordt dan al snel een type ongecompliceerd enthousiasme dat weinig rekening houdt met de weerbarstigheid van het leven zelf. Het leven is niet altijd leuk. Voor jezelf niet. Voor anderen niet, die dichtbij of ver weg lijden onder onrecht, geweld, ziekte, pijn, eenzaamheid. Voor die werkelijkheid moeten je ogen open blijven.

De positie van homoseksuelen zal in kerk en samenleving nooit vanzelfsprekend zijn. Op de dag dat Robert Long overleed (zaliger gedachtenis), stalde ik mijn fiets voor de Albert Heijn. Op datzelfde moment waren daar drie jongens, type gymnasium, die ongericht en luid een reeks aan ongehoord grove scheldwoorden rond homoseksualiteit ten gehore brachten. Ik kende ze niet, ik zal ze niet herhalen, de Open Poort is een net blad.

Eerst was ik ontredderd, met stomheid geslagen. Later was ik boos, dat ik ze niet van repliek had gediend en nam ik mij voor de volgende keer terug te slaan (verbaal of desnoods op andere wijze). Eenmaal thuis daalde een diep besef in mij neer: dit zal nooit voorbij gaan, in ieder geval niet zo lang ik leef. Homohaat zal blijven opkomen, zoals het onkruid tussen de klinkers van mijn tuinpad.

 

De enige manier, voor mij, om daarmee te leven is te kiezen voor een vroom en vrolijk bestaan.

 

Kees Posthumus is verhalenverteller en eindredacteur van Woord & Dienst, opiniërend magazine voor de Protestantse Kerk in Nederland. Vroom & Vrolijk wordt uitgegeven door uitgeverij Narratio, www.narratio.nl, (0182) 628 188.

 


Home

Bijgewerkt: 19 oktober 2008