Welkom
Openingslied: Dit huis vol mensen
Paaskaars wordt aangestoken
Wat gaan we doen?
In deze viering met de titel ‘Een huis waar alles woont’
staan twee grote teksten uit de Schrift centraal, uit de profeet
Jesaja en uit het boek Openbaring. Wij gaan deze teksten straks
helemaal lezen. Ten eerste omdat het mooie teksten zijn, tekst
die bijna muziek is. En ten tweede omdat we op zoek willen naar
wat ze ons vandaag de dag te zeggen hebben. Dat is wat we doen.
Wij lezen de oude verhalen, wij oriënteren ons op de traditie,
op wat van oudsher is overgeleverd als het verhaal dat God met
mensen gaat, en mensen met God. Het Woord is door de eeuwen heen
overgeleverd. Het is gebruikt, misbruikt. Het inspireerde mensen
om de vrede te dienen, het legitimeerde oorlogen. Het maakte
groot en hield klein. Het Woord werd uitgelegd, tot op vandaag
en hier.
Naast de Schrift lezen we de krant. Wij staan in de wereld van
vandaag, persoonlijk en politiek. Er gebeurt van alles om ons
heen. Economieën storten ineen, de aarde warmt op, mensen lijden
honger. In ons persoonlijke leven maken wij goede en minder
goede tijden mee. Dat is onze context.
In die wereld, in de werkelijkheid van alle dagen, proberen wij
op het spoor te komen wat de oude woorden te zeggen hebben. In
deze viering komt het licht van buiten af. Eeuwen geleden zijn
verhalen opgeschreven met letters van licht, wit op zwart.
Sporen van een groot verhaal, waarin God mensen inspireert om de
weg van schepping, uittocht en opstanding te gaan. Om niet te
blijven in duisternis, slavernij en dood, maar om de weg van
schepping, bevrijding en opstanding te gaan.
Dit hebben wij niet zelf bedacht. Het wordt ons over de eeuwen
heen aangereikt in oude verhalen en teksten. En wij zoeken
daarin naar betekenis. |
Zingen:Boek jij bent geleefd
Wat hoorden de hoorders van toen
Jesaja is een profeet. Profeten zijn de spreekbuis van God
naar de mensen en van de mensen naar God. Het zijn geen
toekomstvoorspellers. Het zijn wel waar-zeggers, zij zeggen de
waarheid. Zij uiten kritiek op wat niet in lijn is met de God
van de uittocht. Zij schetsen een perspectief van hoop. Profeten
zijn niet exclusief voor Israel, ook in andere delen van het
Midden-Oosten treden zij op.
Een van de grootste profeten is Jesaja. In dit deel richt hij
zich op de mensen die terugkeerden uit de ballingschap in
Babylon. Wij schrijven vanaf ongeveer 500 voor Christus. Zij
staan voor de taak om hun toekomst opnieuw op te bouwen, te
midden van hen die in het land achterbleven en in een land waar
ook anderen wonen.
Zij komen terug uit een ballingschap. Dat is voor ons niet
gemakkelijk voor te stellen. Tenzij je het ziet als een toestand
die ons geestelijk kan treffen. Misschien: dat je na een periode
van ernstige ziekte of rouw, of tegenslag in je leven, de zaken
weer op rijtje probeert te zetten, een nieuwe start probeert te
maken. Wat leerde je in de crisis?
Jesaja profeteert: blijf in de buurt van God, van wat je vrij
maakt, blijf ver van afgoden en onrecht, van wat je klein houdt,
en het zal je goed gaan. Ga de weg van recht en
rechtvaardigheid.
Wat de luisteraars in Jesaja’s tijd hoorden, en wat ons ontgaat,
was het spel met woorden dat hij speelt. Dat heeft te maken met
Hebreeuwse woorden, die erg op elkaar lijken. Vasten
bijvoorbeeld, en handel drijven, en onenigheid hebben. Het is
allemaal dezelfde stam, en Jesaja goochelt er opgewekt mee.
Jesaja’s taal is een beeldtaal, puttend uit de rijke traditie
van de Thora, de eerste vijf boeken van het eerste testament.
Het komende oordeel van God, de oproep tot inkeer en de beloften
en visioenen van verlossing; dat zijn de hoofdthema’s uit dit
gedeelte van Jesaja. Je kunt je afvragen in hoeverre wij leven
met de drie thema’s uit Jesaja’s tekst. Leven wij vanuit een
besef van een komend oordeel? Het zou mij verbazen. Leven wij
vanuit de noodzaak tot inkeer, en dan niet alleen die van een
ander maar ook die van onszelf? En: hoe wervend zijn de
visioenen van verlossing? Verwachten wij die werkelijk, of is
het een vroom verhaal van toen en daar? Daarover straks meer.
Het boek Openbaring hoort bij het genre van de apocalyptiek. De
gedachte daarachter is dat het de waarheid achter de
verschijnselen onthult. Achter de werkelijkheid zoals wij die
zien, gaat namelijk een andere, diepere en grotere werkelijkheid
schuil. Er is een gevecht gaande tussen God en de duivel, tussen
het licht en het duister, en uiteindelijk overwint het licht.
Het is een ziener, die deze waarheid ziet en onthult. Van
oudsher wordt het boek toegeschreven aan Johannes, maar er zijn
meer hondjes die Fikkie heten. Of het de Johannes van het
gelijknamige evangelie is, valt te betwijfelen.
In Openbaring buitelen de beelden en visioenen over elkaar heen.
Dit jaar waren Marinus en ik in Angers. Daar hangt een enorm
wandkleed met voorstellingen uit de Apocalyps. Wat Johannes in
zijn visioen zag en opschreef, wordt hier opnieuw verbeeld. De
hemel gaat open, zegels worden verbroken. Mensen worden gered of
gaan voor altijd verloren. Bazuinen klinken, een vrouw ontsnapt
maar net aan de dood. Het beest van de zee en het beest van de
aarde bedreigen alles en iedereen. Engelen, vurige fakkels,
schalen, een lam, een zevenkoppig monster en uiteindelijk en na
dat alles: een nieuwe hemel en een nieuwe aarde.
Voor ons komen deze beelden soms wat merkwaardig over. De
mystieke werkelijkheid waarnaar getallen (bijvoorbeeld 666) en
beelden verwijzen is niet meer de onze. Wij begrijpen niet waar
de twaalf edelstenen naar verwijzen. Het zou kunnen dat ze
worden weggehaald uit bijgeloof vanwege hun magische werking en
gebruikt worden voor de nieuwe stad Jeruzalem, de stad van God.
De Joodse luisteraars naar deze tekst hoort dat de schrijver
allerlei beelden uit de Joodse Bijbel gebruikt. Hij citeert
niet, maar zinspeelt wel op vrijwel elk bijbelboek en vooral op
Genesis, Exodus, Psalmen, Profeten en vooral de profeet Daniël.
Daaruit komt onder andere het beeld van Babylon als hoer.
Aangenomen wordt dat Johannes zijn tekst schrijft voor de
christenen die lijden onder vervolgingen. Hij schetst hen een
krachtig en indringend beeld van een andere toekomst, die reikt
tot over de grenzen van hun marteldood heen. Hij zegt: wat er
ook schijnbaar gebeurt aan crisis en onheil, achter die
werkelijkheid breekt een andere werkelijkheid baan.
|
Zingen: Hoor, maar ik kan niet horen
Lezen: Jesaja 60 1-20
Zingen: Als God ons thuisbrengt uit onze ballingschap
Lezen: Openbaring 21: 1 t/m 27
Zingen: Lied: Hier is een stad gebouwd
Wat horen wij?
We hebben geluisterd naar 2 lange teksten . Allereerst een
groot stuk uit Jesaja over het nieuwe Jeruzalem, vol beelden,
puttend uit de rijke traditie van de Thora, de eerste vijf
Bijbelboeken van het Oude Testament.
Daarna de lange tekst uit de Openbaring van Johannes. Het is een
moeilijk Bijbelboek, door een overvloed aan beelden,kleuren,
stemmen, parabels en voor ons vaak onbegrijpelijke details.
Naast een moeilijk Bijbelboek is het ook een bemoedigend boek.
Telkens duikt het gelaat van de Eeuwige weer op.
We lazen : Ik zag een nieuwe hemel en een nieuwe aarde. Want de
eerste hemel en de eerste aarde zijn voorbij, en de zee is niet
meer.
Wij spreken over wereld, de Hebreeuwse taal heeft hier geen
woord voor en heeft het over hemel en aarde, daar waar je bent,
wat je om je heen ziet.
De nieuwe wereld wordt beschreven als een stad, het Nieuw
Jeruzalem, een overzichtelijke stad , met straten van goud en
muren van kostbare stenen, poorten als parels, vol bloeiende
bomen en rivieren. Een samenleving waar God bij de mensen woont
en waar plaats is voor allen.
En de zee is niet meer…Zee staat in de Bijbelse beeldspraak voor
macht, geweld. De zee, onderdrukking en ellende bestaan niet
meer in het toekomstvisioen.
Openbaring is de vertaling van het woord Apocalyps, wat
onthulling betekent. Wat wordt er onthuld kun je je afvragen.
Wat moeten we ermee. Het zijn mooie woorden en beelden, maar de
realiteit is wel heel anders. Ipv een overzichtelijke stad, is
onze wereld een soort jungle waar de menselijke maat ver te
zoeken is. We zien ze: Mensenhandelaren, oplichters, bedriegers,
dictators. Er is oorlog en geweld. Verrijking ten koste van
anderen, een economische crisis. We worden voorgelogen en bang
gemaakt. De aarde wordt uitgeput. Er is misbruik, huiselijk
geweld en angst. Er is roddel, achterklap, afgunst en jaloezie,
respectloosheid en liefdeloosheid. We zien anderen soms niet
staan en voelen ons beter dan een ander.
We gaan even terug naar de profeet Jesaja. In Jesaja spelen drie
grote thema’s: je kunt je afvragen in hoeverre wij daarmee leven
en of we er überhaupt over denken.
Drie vragen om over na te denken :
Leven wij vanuit een besef van een komend oordeel? Geloven/
weten we dat alles wat onwaar is, alle onrecht, alles wat
weggestopt is boven tafel zal komen? Misdaden erkend en daders
berecht ? Misschien is dit oordeel ‘ver van ons bed’, maar wie
leed onder terreur en geweld verlangt ernaar dat op zijn minst
iemand recht doet en de schuldigen voor de rechter brengt. Voor
het eerst in de geschiedenis gebeurt dat al, door de
internationale verdragen en het Internationaal Gerechtshof.
Leven wij vanuit de noodzaak tot inkeer ? De grote misstanden
zien we wel , maar hoe is het met de balk in ons eigen oog?
Kunnen we vergiffenis vragen ? Jesaja is duidelijk: keer je in,
keer om. Zoals Jezus het hem na zal zeggen: keer je leven om!
Wij kunnen de schuld van onrecht en geweld niet afschuiven op
God. Het gaat er om wat wij doen.
Hoe wervend zijn de visioenen van verlossing voor ons ?
Verwachten wij ze werkelijk of is het een vroom verhaal van toen
en daar ? Dit vraagt dat je naar binnen kijkt, naar de hoop die
in je is.
En toch…
Jan Nieuwenhuis antwoordt op de vraag wat er onthuld wordt in
Openbaring : De hoop van nu. Het is geen toekomstdroom , maar
het wordt al werkelijkheid. Het beest uit Openbaring is van alle
eeuwen. De onthulling is dat het “beest’ niet het laatste woord
heeft. Achter de barre werkelijkheid gaat een andere
werkelijkheid schuil, de onvermijdelijke komst van de nieuwe
hemel en de nieuwe aarde
Het visioen is geschreven in de verleden tijd, of het er al was.
En immers: wat gebeurt is, geschiedt is, kan zomaar weer
geschieden, legt Huub Oosterhuis uit.
In het Bijbelse toekomstbeeld speelt ons eigen laten en doen
niet de belangrijkste rol. God staat centraal, hij heeft het
laatste woord. We lezen : Uw Koninkrijk kome. Niet het onze. Dat
is lastig. Wij willen altijd zo graag de touwtjes in handen
hebben, de regie houden. Moeten we dan maar gaan zitten
afwachten en kijken hoe het allemaal gaat verlopen of uit de
hand gaat lopen ? Ik denk het niet. We kunnen en mogen het niet
laten, geloven is een werkwoord. We kunnen steeds zoeken naar
mogelijkheden om de handen en de voeten van de Eeuwige te zijn.
Door vergezichten, zoals over een nieuwe hemel en een nieuwe
aarde , worden we uitgedaagd en bemoedigd om anders naar onze
wereld te kijken en af te wijken van de gebaande paden. Steeds
opnieuw durven mensen in woorden en daden op weg te gaan in de
richting van het komende rijk. Ze schudden ons wakker en zetten
ons in beweging. Door liefde te zetten tegenover haat, door
liefde te zetten tegenover geweld, door met liefde, mededogen en
compassie en wilskracht naar deze dolgedraaide wereld te kijken
en nieuwe wegen te zoeken. Door met andere antwoorden te
reageren op grote wereldkwesties. Door te kiezen voor genoeg is
genoeg en de uitbuiting van de grondstoffen van de aarde een
halt toe te roepen.
Moeder Theresa zei: we kunnen geen grote dingen doen, maar wel
kleine dingen met grote liefde. …. Ja dat kunnen we… “Want de
eerste hemel en de eerste aarde zijn voorbij en de zee is niet
meer”
Ik geloof en soms ook weet ik dat het zover komt. Er zal een
nieuwe stad komen, ‘waar alles woont’. Mooier dan wij het zouden
maken. Die belofte klinkt, over de eeuwen heen, vanuit de
Schrift, geschreven met letters van licht, wit op zwart.
Het is al merkbaar, als we onze ogen en oren maar goed open
houden en om ons heen kijken. Om ons heen en in ons doen en
laten breekt al een betere toekomst baan. We hoeven niet altijd
te ploeteren , we kunnen het af en toe los laten in het besef
dat De eeuwige over ons waakt en dat hij of zij niet los laat
wat zij of hij is begonnen. |
Stilte
Collecte
| De collecte is bestemd voor de stichting Warchild. We
luisteren naar Marco Borsato - De speeltuin |
Voorbeden
Eeuwige God
Om geloof bidden wij
In een wereld vol harde en kille feiten.
Voedt in ons het geloof in een nieuwe hemel en een nieuwe aarde
Een nieuwe wereld van vrede en recht
Een huis waar alles woont
Open onze ogen voor de mensen
Die dat geloof levend houden
En maak ons tot nieuwe mensen
Die iedere dag opnieuw het goede zoeken en doen
Die vrede en recht dichterbij brengen
Eeuwige God
Om hoop bidden wij
In een wereld waarin mensen vaak de hoop verliezen
Sterk in ons de hoop dat de zachte krachten
Sterker zullen zijn dan de macht van bruut geweld
Open onze oren voor de verhalen van hoop
Voor signalen dat uw toekomst nu al doorbreekt in onze wereld
En maak ons tot mensen vol hoop
Dat het er van komt: de aarde als plaats waar u wonen wilt
Bevrijdende God
Om liefde bidden wij
In een wereld waar liefde soms ver te zoeken is
Wakker het vuur van onze liefde aan
Voor elkaar, voor de wereld, voor u.
Open ons hart en breek met uw licht de duisternis in ons
En maak ons zo tot uw handen en voeten in deze wereld.
Dat het zo zal zijn. |
Lied: Eerste stem
De andere werkelijkheid
|
Achter de barre werkelijkheid gaat een andere
werkelijkheid schuil, de onvermijdelijke komst van de nieuwe
hemel en de nieuwe aarde. Het is al merkbaar, als we onze ogen
en oren maar goed open houden en om ons heen kijken. Want
om ons heen en in ons doen en laten breekt al een betere
toekomst baan.

Krant wordt visioen en we luisteren naar Working on a dream /
Bruce Springsteen
|
Een huis waar alles woont
De aarde zal bloeien en stralen
Als een narcissenveld
Als een ster aan de hemel
Een en hetzelfde licht daalt over allen neer
Blinde ogen gaan open…
Gelach klinkt, en een liedje
Van mensen met elkaar
Geen mens meer zonder een ander.
Een tentje in de tuin
Aan de rand van de afgrond
Een mandje op het water
Een ladder naar de zon
Een vrijstad is de aarde
Een huis waar alles woont
Het staat, in eeuwigheid (H. Oosterhuis) |
Zingen: Moge de Levende ons zegenen en behoeden.
|
|